Wie de handschoen past

Keepersuniversity Michel Veurink komt verrassend goed uit de hoek

Foto: Maarten Omvlee

Bij Victoria’28 in Enschede maken het hele seizoen door honderdvijfentwintig jeugdkeepers veel vlieguren onder de vleugels van Keepersuniversity Michel Veurink. De grootste keepersschool van Twente is gelukkig geen keepersfabriek. Ondanks de grootte van de keeperskolonie blijft individuele aandacht het fundament. Modules zijn er taboe. Net zoals grote groepen. Keepersuniversity Michel Veurink is per 1 juli de nieuwe naam van Keepersschool Regio Twente. Vanwege Veurinks leerplan hebben ouders, na lang druk zetten, ervoor gezorgd dat de ex-prof van FC Twente qua naam overstag is gegaan. Het zal de ‘Bison van de Vijf Meter’ echter een zorg zijn hoe zijn keepersinstituut heet. Als de volbloed Enschedeër ervoor kan zorgen dat al zijn pupillen alsmaar beter worden, maakt het hem niet uit hoe ze zijn geesteskind noemen.

Geen modules

Het is woensdag 12 juli. KlasseKeepers ontmoet op Sportpark Wesselerbrink Michel Veurink: de vroegere concurrent van FC Twente-icoon Sander Boschker. In 1977 begon Michel bij Victoria’28 op vijfjarige leeftijd met keepen. De voor zijn leeftijd lange slungel komt beter tot z’n recht in het doel. Dick Smink, ook een legendarische FC Twente-doelman die bij Enschedese Boys als aankomende keeper prima door één deur kan met Abe Lenstra, leert het onstuimige F-je de basis van het keepen. In een moordend tempo, vurig coachend, krijgen techniek, reactiesnelheid en sprongkracht alle aandacht. De bewonderaar van Toni Schumacher heeft talent en begrijpt vanaf dag één dat aanleg zonder mentaliteit als een Formule 1-coureur zonder team is. Veurinks keeperscarriére moet nog beginnen, toch legt Smink ongemerkt de eerste steen voor zijn keepersschool die veertig jaar later als eerste Keepersuniversity van Nederland furore maakt. Terwijl de meeste keepersscholen allang middenin de zomerstop zitten, gaat Veurink met vier keepers het warme kunstgrasveld op. Bij het woord ‘module’ grijpt hij het hoogste woord: “In 2008 ben ik met tweeëntwintig keepers begonnen met mijn keepersschool, omdat er bij clubs nauwelijks individuele aandacht voor hen was. In het begin werkte ik ook met modules van zo’n tien weken. Al gauw merkte ik dat de jeugd daar niet echt beter van wordt. De laatste training was vaak een speelse afsluiting en ook aan het einde van trainingen hanteerden anderen vaak een spelvorm. Dan houd je grofweg negen uur echte trainingsarbeid per module over. Per jaar werk je dan in het voorjaar en najaar met twee modules. Dus heb je maar achttien uur per jaar de tijd om de jeugd beter te maken. Dat is veel te weinig. Tegenwoordig trainen ze bij ons het hele seizoen, liefst twee keer in de week. Heel intensief, in een hoog tempo, zonder spelvormen. Ik wil alleen maar trainen met een zo hoog mogelijke intensiteit en veel coaching momenten. Als je de techniek zo onder de knie krijgt, ga je die ook makkelijker toepassen in wedstrijden. Na zes weken moet ik kunnen zien dat keepers vooruit gaan. Anders doen we iets niet goed.”

Bison van de Vijf Meter

Aan de vooravond van het speeljaar 1985-1986 lijft FC Twente het dertienjarige Victoria-talent in. Want met de lengte van een zestienjarige is de Victoriaan een opvallende verschijning in het B1-elftal. Ook al zijn Piet Schrijvers en later Nico van Zoghel qua trainingsaanpak volleerde verlengstukken van de bloedfanatieke Smink, Michel moet opnieuw uitvinden wat doorbijten is. Hij ligt ‘s nachts wakker als Fritz Korbach tussen twee sigaartjes door zegt dat hij met de selectie van de Tukkers mee moet trainen. Branieschopper Piet Keur, een ruige routinier van de gevestigde orde, verwelkomt ‘het beloftevolle broekie’ zonder poespas: “Hoeveel schoppen heb jij onder je kont gehad, dat je zo lang bent?” Ondanks z’n potentie en doorzettingsvermogen krijgt Veurink het in zeven jaar FC Twente niet voor elkaar om door te dringen tot het eerste elftal van ‘The Reds’. Theo Snelders, Hans de Koning en Sander Boschker zijn, het is als Raimond van der Gouw die Peter Schmeichel voor zich heeft, ongenaakbaar. Op 12 september 1992 debuteert ‘de Tweede Viool van Het Diekman’ bij aartsrivaal Heracles in de Eerste Divisie. Met een 4-0 nederlaag in het oude Goffertstadion bij NEC. Na één seizoen in Almelo, zo’n vijftien duels in het betaalde voetbal, en een seizoen als derde keeper bij FC Twente (1994-1995), groeit de gedreven mannetjesputter de jaren daarna bij achtereenvolgens Sportclub Enschede, De Tubanters 1897, Victoria’28 en DETO uit tot een schrik voor spitsen. Aanbiedingen van Telstar en RBC Roosendaal vindt hij een appeltaart zonder goudrenetten. Niet de moeite waard om voor te verhuizen. “Als ik uitkwam maakte het mij niet uit wie er tussen mij en de bal zat. Ik nam alles onderweg mee. Die bal was voor mij. Ik was een echte winnaar. Als clubs tegen mij moesten spelen, zeiden ze in de kantine al ‘Pas op voor die grote, als die los roept stompt die gek de kop van je romp’.” De bijnaam ‘Bison van de Vijf Meter’ komt daarom niet uit de lucht komen vallen.

Rick Evers in opperste concentratie

RICK EVERS IN OPPERSTE CONCENTRATIE OM DE VOLGENDE BAL TE PAKKEN.

Geen keepersfabriek

Intussen duiken de vier keepers op de laatste training van het seizoen alle kanten op: Timo Bulters (16 jaar, AJC’96-Eerste Elftal), Inge Tijink (17 jaar, Rigtersbleek Dames-1), Rick Evers (17 jaar, SV Sportlust Glanerbrug Onder 19-1) en Wesley Wolberink (13 jaar, Victoria’28-D1). Vanuit een tsjoek verdeelt de gewezen hoofdklassekeeper van De Tubanters met het enthousiasme van een tiener die z’n eerste vriendin omarmt de ballen. “Ja lekker Timo, kom op daar komt de volgende, kom op! Let op de afzet. Pak die laatste twee ballen!”, galmt het over het hoofdveld aan de Geessinkweg 282. Elke keeper krijgt een karrenvracht aandacht. Werken met kleine groepen, geformeerd op basis van kwaliteit en niet puur op leeftijd, is met een duidelijk doel een handelsmerk van de Keepersuniversity: “We hebben achttien trainers en zorgen er altijd voor dat de groepsgrootte maximaal vier is. Liever heb ik nog kleinere groepen. Als je één trainer op acht keepers zet, heb je een keepersfabriek. Dan neem je je vak niet serieus. Ook laat ik ze de oefeningen in een hoog tempo meerdere keren achter elkaar uitvoeren. Zo leren mijn keepers meer dan als je om en om doordraait. Herhalen in een hoog tempo levert veel leermomenten op. En ze krijgen de kans om zich bij elke volgende bal te verbeteren.” De Bison, die ook weleens ‘Bisonkit’ werd genoemd als hij een keer niet uitkwam, leert zijn doelverdedigers met zijn ‘Druk-op-de-bal-methode’ hoe je constant de bal moet aanvallen. Het versterkt de ontwikkeling van een winnaarsmentaliteit à la Schumacher. Waardoor het zelfvertrouwen groeit, zodat zijn protegees in wedstrijden dominant durven te keepen.

Fulltime keeperstrainer

“Keepers zijn niet gek, maar het zijn liefhebbers”, vertelt Veurink. “Ik had natuurlijk nooit gedacht dat de keepersschool zo groot zou worden. Van drieëndertig kinderen in 2015 naar honderdvijfentwintig in 2017. Ik ben nu meer coördinator dan trainer. Maar ik ken nog steeds alle namen, weet wat hun voorkeursbeen en voorkeurshoek is en vooral waar mijn keepers goed in zijn. Op woensdag sta ik steevast op het veld. Die grip wil ik nooit kwijtraken. Keepers die wekelijks twee keer bij ons komen, trainen altijd één keer bij mij. Daar vragen ze zelf om. Leuk is die verbondenheid. Op vrijdagavond of zondagmorgen pakken ze hun tweede training. Flexibel zijn is ook een belangrijk kenmerk van onze keepersschool.”

Inge Tijink zweeft door de lucht

INGE TIJINK ZWEEFT DOOR DE LUCHT ALSOF HAAR LEVEN ERVAN AFHANGT.

Sinds 1 januari 2015 verdient de vader van Bram (12), Isa (8) en Jasper (4) zijn brood volledig als keeperstrainer. Bij zijn eigen keepersschool, als keeperstrainer van de selectie van Quick’20 en de gemixte jongens en meiden van de Football Equals Academy van Mary Kok-Willemsen, het Hoofd Vrouwenvoetbal van FC Twente. “Ik heb zo’n zesendertig bureaubanen gehad, onder meer bij het UWV en de gemeente Enschede. Onder andere mensen werken is niet mijn sterkste punt. Net zo min als van acht tot vijf op een stoel zitten. Dan is het kikken dat ik met hart en ziel van het trainen van keepers mijn beroep heb kunnen maken.”

Ineens vliegt Inge Tijink, gelanceerd door Michels linkerbeen, door de lucht. ‘De Beer van de University’ geniet luidkeels van deze talentvolle dame: “Inge is een trainingsbeest. Ik zie veel van mezelf in haar terug. Door de juiste manier van prikkelen, haalt ze nog meer uit de training. Prachtig dat venijn. Net een kerel. Die pakt ballen waar ik versteld van sta. Ze is zestien jaar en nu al eerste keeper van Rigtersbleek Dames-1!”

Wesley Wolberink traint met drie jaar oudere keepers mee

WESLEY WOLBERINK TRAINT MET DRIE JAAR OUDERE KEEPERS MEE, OMDAT HIJ DAT AANKAN.

Leergierige autodidact

Michel heeft veel onthouden van zijn vroegere leermeesters Dick Smink, Nico van Zoghel en Piet Schrijvers. In de keeperskeuken van Manchester United spitst de Tukker begin deze eeuw, bijna in het kielzog van Alex Ferguson, ogen en oren als Edwin van der Sar daar getraind wordt door Eric Steele. Autodidactisch traint Michel vervolgens de keepers van Victoria’28, Sparta Enschede, Achilles’12 (Hengelo) en Sportclub Enschede. Met zijn Trainer Coach III diploma leert hij ook veel als interim trainer bij Sportclub Enschede (2013), als assistent bij Achilles’12 (2012) en als hoofdtrainer bij EMOS Enschede (2015-2017). Veurink heeft de drive om zich op alle fronten te willen ontwikkelen. Zijn openhartige manier van doen en denken leverde ook weleens een nuttig nadeel op. In oktober 2016 mag hij vijf wedstrijden niet op de EMOS-bank zitten vanwege aanmerkingen op de leiding.

Altijd op zoek naar verbetering

Met het oog op de toekomst gaat zijn keepersschool als ‘University’ met een nieuwe naam een nieuwe fase in. De fan van Bernd Leno heeft zich zowaar ingeschreven voor de Keepers Pro cursus van Frans Hoek en gaat zijn horizon ook op andere manieren verbreden. Door de stage van pupil Nick Weegink is er een intensief contact tot stand gekomen met Sporting Lissabon. “Ik ben eind mei in Lissabon geweest om de samenwerking rond te maken. We gaan kennis en kunde delen. Vanaf nu ben ik geen scout meer bij de KNVB Regio Oost, maar ga ik op zoek in heel Nederland naar talent voor Sporting.”

Timo Bulters heeft als zestienjarige het eerste van AJC’96 gehaald

TIMO BULTERS HEEFT ALS ZESTIENJARIGE HET EERSTE VAN AJC’96 GEHAALD DOOR TE TRAINEN BIJ MICHEL VEURINK.

Kennis deelt Veurink ook met zijn vriend Marko Knoop en John Achterberg. Knoop werkt met jeugdkeepers bij Borussia Dortmund en Achterberg met senioren bij Liverpool. “Ik heb niet de wijsheid in pacht en wil van de besten leren. Als je ziet hoe reactiesnel en fysiek sterk jeugdkeepers in Duitsland, Portugal en Engeland zijn. En hoe hoog ze kunnen springen. Daar lik ik mijn vingers bij af. Wij hebben hier nog heel wat in te halen. Dus mag er best intensief getraind worden met de jeugd. In Nederland zijn we huiverig om vroeg te beginnen met sprongkrachttraining. Wij doen dat wel. Natuurlijk ontzien we keepers tijdens de groei, maar vanaf negen jaar kan met het eigen lichaam als instrument, de krachttraining al beginnen. Onze fitness- en krachtcoach, Jarno Lamers, gaat daar verantwoord mee om. Ook stapt Veurink af van het arbeidsintensieve schrijven van beoordelingsformulier. “Dat deed ik twee keer per seizoen om vorderingen in kaart te brengen. Met zoveel keepers deed ik er dan vier à vijf weken over om die door te spreken met de ouders en kinderen. We stappen volgend seizoen over op Dotcomsport. Dat is een digitaal spelervolgsysteem. Daar worden de go-pro-filmpjes die we al regelmatig maken ingezet, en de beoordelingen die mijn trainers na elke training geven. Nieuw is het dat de trainers van de clubelftallen waar onze keepers in spelen ook wekelijks input gaan geven over hoe onze keepers presteren tijdens wedstrijden. Ik kan ze niet meer allemaal gaan bekijken. Met die cruciale informatie kunnen wij nog beter differentiëren, voorkomen we dat we eenheidsworsten kweken, kunnen we de keepers daar bijspijkeren waar dit het hardste nodig is, terwijl ouders straks online op elk gewenst moment kunnen zien hoe hun kind ervoor staat.”

Lol, passie en plezier

LOL, PASSIE EN PLEZIER KEERT ELKE TRAINING TERUG BIJ KEEPERSDIER MICHEL VEURINK.

Techniek

Omdat operatie nummer achttien eraan komt, een zware operatie aan de rechter heup staat op de rol, besteedt de trouwe supporter van FC Twente, al jong had hij in Het Diekman een vast stekkie in vak F, met zijn doelverdedigers veel aandacht aan de techniek en coördinatie van het keepen: leren vallen, leren opstaan op de juiste manier, pasjes maken, insnijden, goed op je benen staan. In de herfst van 2001 scheurde de Tubanters-doelwachter alle banden van z’n linkerknie aan gort. Tegen Achilles’12 voor de beker kwam hij net buiten het strafschopgebied niet uit met zijn passen toen de 1 meter 90 lange doelman een verdwaalde terugspeelbal wilde wegschieten. De zware blessure was een tegenvaller en meevaller tegelijk. Het euvel luidde het einde van z’n amateurloopbaan in, maar bracht hem voor het eerst op het idee om een keepersschool te beginnen. “Bij mij hebben ze dat vroeger te weinig aandacht besteedt aan de techniek. Ik weet waar je dan tegenaan loopt. Daardoor heb ik veel onnodige blessures gehad. Als gevolg daarvan ben ik al zeventien keer onder het mes geweest met enkels, knieën en heupen. De keren dat ik geblesseerd in het doel stond zijn niet op de vingers van één hand te tellen. Dat gun ik niemand en vooral mijn keepers niet. Zij moeten technisch beter worden dan ik vroeger was, dan kunnen ze veel blessures voorkomen.”

Michel leeft mee met de redding van Inge Tijink

MICHEL LEEFT MEE MET DE REDDING VAN INGE TIJINK.

Passie, plezier, presteren

Dat er al jarenlang keepers van heinden en verre naar Enschede komen om daar te trainen, zegt genoeg over de uitstraling van de Keepersuniversity Michel Veurink. Keepende kinderen uit bijvoorbeeld Grou, Deventer, Den Ham, Doetinchem en Raalte reizen af naar Enschede. “Bij ons gaat het om passie, plezier en presteren. Dat zal wel de reden zijn dat elke zondagmorgen om elf uur Jesperre Leentvaar uit Grou, het meisje dat op proef is bij SC Heerenveen, bij ons op de mat staat. Als je geen plezier hebt, word je niet beter. Als je geen passie hebt, kom je niet naar de keepersschool. Het grootste plezier heb ik als ze beter gaan presteren in hun wedstrijden. Een keeper die ik van de C4 naar de C1 help, geeft mij net zoveel voldoening als Nick Weegink die een stage heeft weten af te dwingen bij Tottenham Hotspur, Sporting Lissabon en Leicester City.

Als de training erop zit, peilt KlasseKeepers wat de vier keepers van vandaag vinden van de keepersopleiding van Michel Veurink. Timo Bulters mag de spits afbijten: “Ik ben hier als negenjarige begonnen. Op m’n elfde ben ik gestopt en drie jaar later weer terug gekomen. Ik merkte dat mijn techniek en reactiesnelheid in die tussentijd erg achteruit waren gegaan. Nu ik weer twee jaar twee keer per week meetrain, kan ik m’n plek in het eerste van AJC’96 (Vierde Klasse Zaterdag KK) weer goed aan. Inge Tijink kijkt bij haar reactie even ernstig als tijdens de training: “Dit is mijn derde jaar bij Michel. Hij is lekker fanatiek en houdt van een lolletje. Door mijn verbeterde techniek is mijn zelfvertrouwen in wedstrijden ook gegroeid.” Rick Evers en Wesley Wolberink sluiten zich aan bij de voorgaande sprekers. Wesley wil nog wel wat aanvullen: “Ik duik nu als rechtspoot in de linkerhoek ook goed.”

Michel Veurink met ‘DEVEUR’ handschoenen aan

MICHEL VEURINK MET ‘DEVEUR’ HANDSCHOENEN AAN, IS ALS EEN VADER VOOR ZIJN KEEPERS.

Liefhebber

Dat Michel Veurink in hart en nieren een liefhebber is, en dus absoluut geen last heeft van de ‘Gekke Keepersziekte’, blijkt ook uit het feit dat de ex-UWV’er zijn eigen keepershandschoenen heeft gecreëerd. Volgend seizoen worden alle kleren geleverd door Uhlsport. “Er zijn natuurlijk heel veel goede merken keepershandschoenen. Die kosten al gauw zo’n zeventig of tachtig euro per paar. Keepers die voornamelijk op kunstgras spelen, verslijten soms wel zeven of acht paar per seizoen. Dan word je niet vrolijk als je elke keer de knip moet trekken. Daarom ben ik gaan googelen. Via China en alibaba.com kwam ik in Pakistan terecht. Daar maken ze nu mijn handschoenen die ik met een gerust hart voor negenendertig euro verkoop. Voor de kinderen en ouders is het voordelig en ik vind het leuk om te doen.” Overeenkomstig zijn vroegere stijl van keepen, Michel ging graag als een blok beton voor elke bal liggen, heten zijn creaties: Deveur.

Eind augustus gaat de Keepersuniversity Michel Veurink er weer een heel seizoen tegenaan. Sinds 2016-2017 heeft de oud Heraclied met een heerlijk handgebaar zijn keeperstrainer van het eerste uur betrokken bij de keepersschool. De tweeënzeventigjarige Dick Smink leeft bij Victoria’28, na het overlijden van zijn vrouw, weer helemaal op. Alsof hij weer zeventwintig is en 23 april 1972 er weer aankomt. De zondag waarop hij als zevenentwintigjarige vervanger van Piet Schrijvers het Feyenoord van Happel – met Van Hanegem, Boskamp, Janssen, Israël, Laseroms en Moulijn – in het ‘Diekmanstadion’ van scoren afhoudt: 1-0. Ook ‘De Oude Meester’ leert de jeugd met veel passie de fijne kneepjes van het vak.

Naar boven