Op Sportpark De Bosk in Harkema heeft Harkema-Opeinde sinds 2010 eindelijk weer geschiedenis geschreven. Meestal staat sportparkgenoot Harkemase Boys in de belangstelling. Het ruim vierduizend inwoners tellende, West-Friese sportdorp vierde vorig jaar het kampioenschap van de roodwitten in de Zaterdag Hoofdklasse C. Dit speeljaar waren de groengelen ruimschoots aan de beurt. Het vlaggenschip van Harkema-Opeinde heeft, ook op zaterdag, de titel in 5B gepakt. Terwijl het tweede team van ‘Het ADO van Harkema’, met duivenmelker Ronald Fokkinga als degelijke doelman, kampioen is geworden in de Reserve Vierde Klasse.
“Keepers zijn gewoon gekker dan de rest, want die moeten zichzelf redden”, legt de metselaar die met zijn handigheid een fundamenteel aandeel had in het succes van Harkema-Opeinde-2 uit. “Dat ben ik ook. Als je keept moet je er altijd vol voor gaan. Want je weet dat je als keeper de belangrijkste schakel kan zijn van het team.” Leider Jappie Borger heeft geen moeite om zich te voegen naar de woorden van zijn doelman: “Jullie zochten met Klassekeepers een gepassioneerde doelverdediger. Dan ben je bij Ronald aan het goede adres. Hij is er altijd en geeft zich voor meer dan honderd procent. Drie seizoenen geleden hebben we hem gevraagd om weer te gaan keepen. Vanaf dat moment bewijst hij wekelijks z’n waarde. Dit seizoen heeft Ronald ondanks rugproblemen geen minuut gemist”. Het klopt bijna als een postduif die zonder TomTom moeiteloos z’n til vindt. Ronald was het cement in zijn team. Dat werd duidelijk toen de vangsterke vrijgezel op 15 oktober 2016 één duel meedeed met het eerste team. Als vervanger van André de Graaf won Harkema-Opeindes hoofdmacht met 1-7 bij Jistrum. Zijn eigen elftal kwam in Groningen tegen SC Stadspark-4 niet verder dan een 2-2 gelijkspel. Daarnaast had Harkema-Opeinde-2 tot vlak voor de winterstop moeite met het verzilveren van kansen. Zo bleef FC Leo-2 lang de concurrent in de race om de titel. Door de laatste match van 2016, op 17 december werd Zuidhorn-3 met 6-0 naar huis gestuurd, begon ineens de hoop op de titel te gloren. Op 6 mei dit jaar was de 3-2 thuiswinst tegen FC LEO (Leens en Omstreken), niet alleen een mooie revanche voor de 3-2 uitnederlaag, maar tegelijk de definitieve voorbode voor het kampioenschap. Harkema-Opeinde won daarna de laatste wedstrijden, terwijl FC Leo vijf punten liet liggen. De balvaste bouwvakker die uitgroeide tot penaltykiller, omdat er teveel strafschoppen werden gemist en Ronald weet wat keepers doen, weet nog precies in welke wedstrijd hij het afgelopen seizoen het belangrijkste was: “Thuis tegen SV Marum (8 oktober 2016 KK) hadden wij het moeilijk. We stonden onder druk, maar gelukkig pakte ik die zaterdag alles. Daardoor konden we tegen de verhouding in met 0-2 winnen. Die karakterwedstrijden horen er bij als je kampioen wil worden. En het is kicken als je zo de nul houdt!” Het kampioenschap werd op 30 mei in stijl gepakt door Fokkinga en z’n kornuiten. Uitgerekend in Oost-Groningen tegen SV Marum. De bewonderaar van Neuer, De Gea en Buffon hield zijn hok schoon en schoot een minuut voor tijd vanaf elf meter de kurk van de champagnefles. Hij bepaalde door goed naar z’n collega te kijken de eindstand op 0-3. Een prima bekroning voor een pracht seizoen.

HET FEEST KAN IN MARUM BEGINNEN, WANT DE TITEL IS BINNEN. FOTO: TWEENUL.NL
De geboren en getogen Harrekiet is na vierentwintig seizoenen vergroeid met Harkema-Opeinde. Bij de F-jes stond hij nog niet onder de lat. Als E-pupil trok hij de handschoenen aan. Om ze bij de overgang naar de senioren weer uit te doen. Van z’n achttiende tot z’n zesentwintigste was de vroegere fan van Edwin van der Sar een rechtsbenige rots in de branding op het middenveld van het beloftenelftal. Vanaf 2014-2015 voelt de daardoor makkelijk meevoetballende keeper zich weer thuis in het doel. Alsof er in plaats van een engeltje, een duif op de lat zit. Met z’n negentwintig lentes is de duivenhouder de oudste speler van de selectie. Jongens die Fokkinga als jeugdtrainer onder zijn vleugels had, spelen nu in het tweede of eerste team. Ronald heeft ze begeleidt tijdens hun ‘opleervluchten’. Dat maakte het kampioenschap des te mooier: “Het is geweldig om nu te spelen met jongens die ik vier jaar geleden getraind heb toen ik ze in de B1 zaten. Het hart van de verdediging is daar een mooi voorbeeld van. De centrale verdedigers Wytse Couperus en Hendrik Bijma hebben een goed seizoen gespeeld. Daar heb ik als keeper veel steun aan gehad”.

RONALD FOKKINGA (VOORSTE RIJ LINKS) VALT NIET ALLEEN ALS KEEPER IN DE PRIJZEN. FOTO: Feanster Flucht
In september begint de 1 meter 81 lange ‘Beer van De Bosk’ aan zijn vijfentwintigste seizoen bij de club die zich op 5 juli 1946 noemde naar de toenmalige naam van het dorp. De kriebels om eerste keeper te worden hebben plaatsgemaakt voor tevredenheid over zijn huidige rol bij Harkema-Opeinde: “In 2014 toen ik weer ging keepen, speelde ik een uitstekende voorbereiding. Voor mijn gevoel was ik beter dan mijn concurrent Peter Dijkstra. Toch stond ik tijdens de competitie, op zeven duels na, structureel in het tweede. Dat voelde als een teleurstelling. Het afgelopen seizoen is André de Graaf de nieuwe eerste doelman geworden. Hij is groot, sterk, heeft in de Tweede Klasse gespeeld. André is beter, dus ik richt me met veel plezier op het tweede elftal”. Dat Ronald het tweede serieus neemt, blijkt uit alles. Naast z’n toewijding, druk coachend leidt hij de achterhoede, wil de sluitpost die met nummer 20 in het doel staat zich op het tweede niveau graag laten zien. Fokkinga noemt zichzelf een ‘showkeeper’: “Het blauwe keepersshirt met nummer 1 was te groot. Daardoor speelde ik continu met het rode nummer-20-shirt. Dat paste ook beter bij mijn rode schoenen. Ik speel graag met korte mouwen en wil er met mijn Adidas handschoenen goed uitzien. Dat hoort er voor mij bij. Ik ben verder niet bijgelovig, want ik vind dat je van je eigen kracht uit moet gaan”.
Ronald Fokkinga is met zijn 86 kilo à la Piet Schrijvers sterk in één tegen één situaties. “Het pakken van hoge ballen moet beter”, geeft hij eerlijk toe. De rasechte clubman heeft kampioenschappen op twee fronten meegemaakt. Hij heeft geen vriendin en is derhalve naast het voetbal, als lid van de Harkemase postduivenvereniging ‘Feanster Flucht’, ook getrouwd met zijn duiven. In zijn achtertuin melkt de Harkemase sluitpost 150 duiven: 80 jongen, 40 kweekduiven, 30 wedstrijdduiven. Het deert de robuuste goeierd niet dat hij met zijn vogelvrienden de kans op een zorgeloos leeft misgelopen is. Als zoon van een vrachtwagenchauffeur had hij de Gaston van der Wouwe van Nederland kunnen worden. Maar in tegenstelling tot onze Zuiderbuur werd de Fries niet schatrijk door zijn gevederde vrienden. De postduif die Nederlands kampioen werd en derde bij de Olympiade voor postduiven heeft hij weggegeven aan een goede vriend.

IN DE ZAAL EN OP HET VELD IS FOKKINGA STERK IN ÉÉN TEGEN ÉÉN SITUATIES. FOTO: Pieter van der Woude
“Ik werkte een paar jaar geleden een half jaar in Zeeland. Daar was ik in de kost. Toen ik terugkwam heb ik als dank voor het verzorgen van de duiven mijn goede vriend een jonge duif cadeau gedaan. Dat die doffer zulke goede wedvluchten zou vliegen, had ik niet verwacht. Chinezen hebben € 120.000 euro voor dat beest geboden. Mijn vriend heeft die kampioen niet verkocht. Slim, want voor elk jonkie krijgt hij nu € 10.000. Ach het is zo gelopen. Ik maal daar niet om. Ik heb het goed. Ben tevreden met mijn leven”. Een duivenmelker als doelman is bijzonder en tegelijkertijd praktisch. Want als geen ander weet ‘De Koerende Keeper’ hoe hij zijn hok schoon moet houden.






