Wie de handschoen past

Garantie voor Goeije basisvaardigheden

Keepersschool Ed de Goeij KlasseKeepers
Foto: Maarten Omvlee

Op vrijdagavonden is het hoofdveld van DHC in Delft druk bezet. Het in verval geraakte Brasserskade Stadion leeft op. In 1966 was de hoofdtribune, vanwege het rondlopende dak, een futuristisch hoogstandje. Nu staat de voormalige trots van voetballend Delft er met kapotte houten banken mistroostig bij. Een kind verlaten door z’n ouders. De acties van Willem van Hanegem en Chris Kronshorst in Delftse dienst zijn geschiedenis geworden. Qua bedrijvigheid en belangstelling lijkt het er echter op dat de tijd van Xerxes/DHC’66, in 1967-1968 speelde de club eenmalig in de Eredivisie, is teruggekeerd. Meerdere doelen voor ruim vijftig jeugdkeepers die zich ‘save’ bij de trainers van Keepersschool Ed de Goeij.

Ouders vangen achter reclameborden vorderingen van hun kinderen op. Op het kunstgras van de Delfia Hollandia Combinatie valt Eduard Franciscus de Goeij niet alleen op door zijn karakteristieke gestalte van bijna twee meter. De manier waarop Gouda’s Glorie door de knieën gaat om, op exact dezelfde plek als waar Eddy Treijtel vijftig jaar geleden het Xerxes/DHC-doel verdedigde, om doelverdedigers in spe de kneepjes van het keepen bij te brengen, springt meer in het oog. Hij buigt ook betrokken zijn lange lichaam om de veters te strikken van zijn pupillen.

“Waarom alweer een keepersschool in de Randstad?”, is de vraag die opspringt. De ex-international, in 31 interlands hield De Goeij 14 keer de nul, duikt er bovenop: “Samen met Pasquinel te Pas trainde ik op dinsdagavond al tweeëneenhalf jaar bij DHC de jeugd- en seniorenkeepers. Ik constateerde dat de normale technieken zoals een bal vangen, insnijden, het voetenwerk, de uitgaanshouding, het uitgooien en uitrollen, bij de keepers vaak matig tot slecht zijn. En dan praat je over basistechnieken die een keeper moet beheersen. Dat fundament, dat je nodig hebt om een bal fatsoenlijk tegen te houden, moeten gewoon omhoog. Vandaar dat ik al vijf jaar rond liep met het idee om een keepersschool te beginnen. Elke keer was er wel iets waardoor dat idee niet van de grond kwam. Bij de clubs krijgen keepers nog steeds te weinig of verkeerde aandacht. Keepers hebben nodig dan één training per week. Ze zijn teveel onderdeel van het team. Ik vind dat je keepers meer individueel moet trainen”.

Mark Smith, de huidige eerste keeper van DHC in de Zondag Hoofdklasse B, gaf de FA Cup-winnaar (Chelsea 2000), een jaar geleden het laatste zetje. Ze wonen allebei in Bergschenhoek. Samen maakten ze in 2014 een plan. Het duo plukte vliegensvlug twee trainers uit de bovenhoek van hun netwerk. Zo begonnen Ed de Goeij, Mark Smith, Pasquinel te Pas en Ryan Lol in maart 2015 opgewekt aan het eerste seizoen van keepersschool ‘Save’. Inmiddels is de keepersschool omgedoopt tot Keepersschool Ed de Goeij en uitgegroeid van 33 naar 54 kinderen. Alle deelnemers keepen in professionele blauwzwarte trainingspakken met ‘KEEPERSSCHOOL ED DE GOEIJ’ op de achterkant. De ervaring van het eerste jaar heeft uitgewezen dat de leeftijdsindeling niet F-E-D & C-B-A als aparte trainingsgroepen moeten zijn, maar F-E & D-C-B-A. De D-keepers verdedigen immers ook een groot doel. Er wordt gewerkt met kleine groepen. De F- en E-keepers (JO9 / JO11) trainen van 18.30 tot 19.30 en de D-, C-, B- en A-keepers (JO13 / JO15/ JO17/ JO19) mogen daarna van 19.45 tot 20.45 aan de bak. Binnen de leeftijdscategorieën wordt er ook gewerkt met niveaugroepen.

Vragen uit welke hoek de wind waait bij Keepersschool Ed de Goeij is, met een zo’n keeperscoryfee als boegbeeld, no nonsense keepen verhief de voormalige ‘Kanjer van De Kuip’ tot stijl, een voorzet voor open doel. Pasquinel te Pas vangt de vraag als eerste: “Tegenwoordig vindt men een keeper pas goed als hij uitblinkt in meevoetballen. Maar een keeper moet in eerste instantie een bal kunnen tegenhouden op de goede manier. Daarna komt volgens ons pas het meevoetballen, coachen, positie kiezen. Wij leren dus eerst de basistechniek aan en gaan het keepen van daaruit verder uitbouwen”.

Mark Smith, de voormalige jeugdkeeper van RVV LMO, Sparta en Feyenoord, bij AGOVV zat hij met Mertens en Chadli in de selectie, staat met z’n collega-trainers op één lijn: “Wij focussen op keepen en niet op meevoetballen. Een keeper moet ballen tegen houden. Je kan een heel goed meevoetballende keeper hebben, maar als die geen ballen pakt heb je een probleem”. Ryan Lol, selectiekeeper van Zaterdag Eersteklasser Neptunus Schiebroek en met TC3 allround inzetbaar, legt vanuit z’n passie de hand op het effect van goed leren keepen: “Als jeugdkeepers door een verbeterde techniek meer ballen gaan pakken, krijgen ze zelfvertrouwen. Goede acties leveren complimenten op, waardoor ze zich mentaal positief ontwikkelen”.

Keepersgoeroe de Goeij maakt het verhaal af: “Een opleiding tot keeper moet gewoon goed zijn. Wij leren doordacht basisvaardigheden aan. Ik heb het diploma Keeper Coach Pro gehaald bij Frans Hoek. Daardoor weet ik hoe je kennis vertaalt naar de jeugd. Daarom zet ik voor ons allemaal de lijnen uit, zodat ouders erop kunnen vertrouwen dat we hun kinderen verantwoord verder helpen”. Kortom Keepersschool Ed de Goeij gaat voor een fundament aan basisvaardigheden. Wekelijks wordt daar op ingespeeld. Vier trainers zorgen elke vrijdagavond voor vier nieuwe oefenvormen. Geïnspireerd en gecoacht door de ervaring en kennis van de voorganger van Petr Čech bij Chelsea. Vier groepen rouleren en krijgen allemaal dezelfde, viervoudige oefenstof. Na zo’n zes weken wordt de oefeningen op een creatieve, maar herkenbare manier herhaald.

De passie voor het keepen vliegt door de lucht tijdens trainingen. Ongewild steelt Ed de Goeij de show. De goedlachse ex-Spartaan hanteert, net als de andere trainers, geen Spartaanse methoden. Hij heeft een klik met de jeugd die aan zijn lippen hangt. Dromend van Feyenoord en Oranje. Ed is een goeierd en strenge leermeester in één persoon. Met oog en complimenten voor alles wat goed gaat. Er wordt gepresteerd in een assertieve edoch gezellige sfeer. De Goeij is nog altijd net zo naturel als altijd, als in 2010 toen hij als keeper van Chelsea op verzoek van Harry Vermeegen (De Regenjas) Bas Bavelaar uit Leiderdorp de dag van z’n leven gaf op het heilige gras van Stamford Bridge. Voor iedereen heeft de keepersbeoordelaar van De Telegraaf een blijmoedige boodschap: “Ja kom maar…goeie bal..klasse!” En: ”Weet je niet tegen wie je morgen moet spelen? Moet ik dat aan je vader vragen? Hoe kan dat nou!” Na de rol van keeperstrainer bij Chelsea (2006-2007), RKC Waalwijk (2010-2014) en de AD-jeugd (2015-2016) barst de doelman, die na de goal van Branco op het WK1994 weet wat het betekent om verguist te worden, nog van de passie: “Het is heerlijk om op het veld te staan en met die gasten intensief bezig te zijn. Je bent echt aan het begeleiden en opleiden. Ze kunnen vanaf 0 beginnen en ik kan ze met mijn ervaring verder helpen”.

Zoals De Goeij vroeger in het doel bezetenheid, eenvoud en rust uitstraalde die bij zijn persoonlijkheid past, zo vol vuur gaat Keepersschool Ed de Goeij ook om met ‘zijn’ leerlingen. Tijdens het interview met KlasseKeepers maakt de Gouwenaar tussendoor tijd voor een E-tje die hem vraagt: “Kunnen we een keer de korte en de lange hoek oefenen?, want zaterdag stond ik een paar keer verkeerd”. “Vandaag”, antwoord Ed, “zit dat toevallig in één van de vier oefenvormen. Komt dat even mooi uit”. Veelvuldig wordt er op deze manier ingespeeld op de behoeften van de jeugdkeepers. Altijd worden trainingen nabesproken en wordt er gevraagd naar de wedstrijden van zaterdag. Om te peilen of de pupillen het geleerde ook kunnen toepassen in hun wedstrijden. “We kunnen allemaal als gekken gaan trainen doordeweeks, maar als het in de wedstrijden niets oplevert, heb je er niets aan”, zegt de voormalige landskampioen met Feyenoord (1993) uit ervaring. In Rotterdam-Zuid haalde hij het beste uit zichzelf doordat de haat-liefdeverhouding met keeperstrainer Pim Doesburg hem omhoog zweepte. Het kwartet trainers observeert en evalueert intensief. Interne rapportages brengen aandachtpunten in beeld. Daarmee worden trainingsvormen en groepssamenstellingen geactualiseerd. Door veel contact met de opvoeders wordt de progressie van de jeugdige sluitposten eveneens in kaart gebracht.

Keepersschool Ed de Goeij steekt liever ruimschoots tijd in veel interactie, in plaats van weg te duiken in een wir war aan formulieren die hetzelfde doel nastreven. Leren door doen staat centraal. Bij Keepersschool Ed de Goeij is iedereen welkom, mits passie voor het keepen aanwezig is. “Niet iedereen is een wonderkeeper. Dat hoeft ook niet”, zegt de naamgever van de opleiding, “je bent hier om beter te worden, om het keepen te leren”.

Van het netwerk van de viervoudig winnaar van de KNVB-beker met de jeugdopleidingen van ADO Den Haag, Sparta en Feyenoord plukken de leerlingen van de keepersschool de vruchten: “Ik vind het belangrijk om talentvolle jeugdkeepers de kans te kunnen geven om hogerop te komen”. In een jaar tijd heeft dat al de nodige successen opgeleverd. Robbie Letsch ging van DHC F1 naar ADO en Ryan Pronk (HBS) mocht ook naar de jeugdopleiding van meneer Hui Wang. Sarah Nelis, spelend bij de meiden van Delftse Sportvereniging Concordia, heeft een uitnodiging van de KNVB gekregen, net als Manis te Pas, inderdaad de zoon van Pasquinel. In totaal zijn er al dertien keepers van Ed de Goeij uitgenodigd voor jeugdselecties van de KNVB.

Jongens en meisjes die het keepen vanaf de bodem wil opbouwen zijn net zo goed op hun plaats bij Keepersschool Ed de Goeij als degenen die al kunnen keepen als een huis en er van dromen om in De Goeij’s voetsporen te treden. Voor die laatste categorie zijn er al plannen om op termijn een masterclass te starten.

Ook trainer Ryan Lol geniet van zijn rol bij Keepersschool Ed de Goeij: “Mijn broertje Sven van tien traint hier ook. Ik zie hem regelmatig keepen bij TOGB E5 in Berkel en Rodenrijs waar ik de F1 train. Sven kan steeds meer en heeft in wedstrijden meer plezier en zelfvertrouwen. Dat is mooi om te zien. Dat Ed de Goeij zijn naam heeft verbonden aan de keepersschool is belangrijk voor de uitstraling en bekendheid van onze keepersschool. Nu komen er ook jeugdkeepers van buiten Delft op vrijdagavond naar De Brasserskade, want het praat zich rond dat wij een garantie zijn voor goede basisvaardigheden en een springplank voor talent”.

Naar boven

SALE !